Regiobijeenkomst Arnhem | Nijmegen | Foodvalley | Het verslag

Verslag Hans Dekker NVTL | Juliette van Baar, UUM

Regio van de Toekomst: Excursie Regio Arnhem – Nijmegen – Foodvalley.

22 & 23 oktober 2018 –

Verslag en discussiepunten.

 

22 oktober 2018

De dag startte in het WTC bij Arnhem Centraal, oftewel het Green Business Centre. Een korte introductie door Edwin van Uum en Mark Kemperman leidde de dag in, waarbij verschillende presentaties werden gegeven in het WTC, of op diverse inspirerende locaties in de regio. De aftrap van de dag werd gegeven door Marieke Kassenberg, met een presentatie over de Woningdruk vanuit de Randstad in relatie tot mobiliteit.

Casus

  • De bevolkingsgroei in Gelderland wordt deels bepaald door migranten uit de Randstad en de rest van Nederland. De druk op de ruimte is hoog, niet alleen voor woningen, maar ook voor scholen, energie en sportclubs.
  • Buitenstedelijk bouwen is niet per se makkelijker en dus de oplossing, daar is namelijk bereikbaarheid voor nodig. Juist de grensgebieden met de Randstad zijn populair, omdat er in Utrecht en Amersfoort te weinig wordt gebouwd slaat dit over naar de regio rond de Foodvalley.
  • Groene recreatie zit in de regio goed, maar hoogstedelijke recreatie verdient wel aandacht. Het accent in recreatie moet bepaald worden in Arnhem - Nijmegen. Dit zorgt voor verbinding.

 Discussiepunten:

  • Veel plancapaciteit van de huidige woningbouw gaat niet door, maar 40% wordt daadwerkelijk gebouwd. Hier zit vergunde capaciteit bij in.

 Gijs Frenken – stedenbouwkundige – verteld over Arnhem Centraal

Casus:

  • Het plan van Ben van Berkel was een nieuw stadsmilieu te maken: een vervoershub met veel m2 programma, in plaats van alleen een station met kantoren. Dit nieuwe stadsmilieu moest werkgelegenheid bieden en verbinding maken tussen de Randstad en het Ruhrgebied.
  • De kracht van de plek is tegelijkertijd de achilleshiel: alles is met elkaar verbonden. Als iets bij A mis liep in de bouw, lag B ook stil.
  • Er moet nog 40.000 m2 gebouwd worden in de vorm van een toren met een hotel en woningen.
  • Het station is een kruispunt van spoorlijnen: van de Noord/Zuid-as en van de Oost/West-as.

 Discussiepunten:

  • De intercity die straks 6x per uur vertrekt naar Schiphol, moet deze niet stoppen op Amsterdam CS? Ook de verbinding met de Duitse regio roept vragen op: moet deze niet intensiever? In het weekend zijn er veel Duitse bezoekers om te winkelen.

 Frits Dekema – Prins Mauritskazerne Ede / World Food Centre

Casus:

  • Het kazerne complex bestond uit 100 gebouwen, waarvan er 35 in stand zijn gehouden. Deze kazerne is de opmaat voor het World Food Centre.
  • Wageningen heeft 15.000 studenten, het is heel snel gegroeid de afgelopen jaren. Daarnaast zijn er ongeveer 500 kennismedewerkers en laboranten. Friesland Campina zit er en Unilever heeft een onderzoekscentrum in aanbouw.
  • Verwacht wordt dat het World Food Centre 300.000 bezoekers aantrekt. Het Kruller Muller museum trekt zo’n 450.000 bezoekers. Ede heeft op dit moment als 1 miljoen toeristische overnachtingen per jaar.
  • Het is een grote opgave. Het rijk en de VN werken mee als tegenwicht tegen de corporates en verzorgen debat en workshops.
  • Het station Ede-Wageningen wordt verplaatst en de frequentie van de intercity verhoogd naar 6x per uur. De connectie naar Wageningen (de Kennisas) loopt rechtstreeks voor de auto, maar voor het OV zijn er nog vraagtekens. De Provincie denkt aan een HOV buslijn. De busverbinding rijdt elke 10 minuten, maar er zijn wel 25 haltes. Vanaf Arnhem is er een snelle busverbinding, de Rijnlijn. Daarnaast een snelle fietsverbinding.
  • De woningbehoefte in Ede is 5000 woningen. Er worden 2400 woningen gebouwd rond het station in Ede, deze vragen om een andere typologie dan gewoon is in Ede: een hoogstedelijk milieu wordt gecreëerd.
  • Er zijn 28.000 arbeidsplaatsen in de Foodvalley, dat is 10% van de hele regio. De meeste werkgelegenheid is logistiek, pluimvee en kennisontwikkeling. Tendens van opschaling onder agrariërs: van 800 naar 200 agrariërs.

 Discussiepunten:

  • Hoe kan ervoor gezorgd worden dat dit echt een Brainport wordt voor food? Hier heeft McKinsey onderzoek naar gedaan.
  • Ketenverkorting in de regio? Kleine ondernemingen en netwerken inzetten op ketenverkorting.
  • Ook veel horeca en beveiliging banen?
  • Waar is behoefte aan? Wat gaat er gebeuren met het terrein in Wageningen? Loopt dit niet vol? Wat is het ruimtelijk-economisch perspectief van de Kennisas Ede-Wageningen? Wordt deze as volgebouwd? Er ligt een WERV gebied, wat vraagt om versterking van het landschap.

   

 Matthijs Lenissen - NovioTech Campus Nijmegen

 Casus:

  • Hier werden vroeger de chips van Philips gemaakt, er stond dan ook een groot hek om het terrein. Met het nieuwe station Nijmegen Goffert is er een nieuwe drive om een campus van het gebied te maken en wordt aandacht gestoken in de verbetering van de verblijfskwaliteit. Er is sprake van NTC Triple Helix samenwerking.

 Discussiepunten:

  • Vooral bedrijven werken samen, moet er geen onderwijs bijkomen? Gemeente is bezig met dependance van TU Delft & Radboud Universiteit.
  • Veel auto’s in het gebied? Gemeente is bezig met scenario’s, welke parkeercapaciteit is nodig?
  • De entreekavels van het gebied zijn nog vrij.
  • Nu staat er nog een hek om het gebied, dat gaat weg als NXP vertrekt.
  • Campus: past dit in een hoog of laag scenario? De gemeente is bezig met scenario’s schetsen, dit is heel erg afhankelijk van de groei.
  • In hoeverre kan de gemeente sturen?
  • Wonen/functiemix? Dat moet scenario studie uitwijzen. Referenties: beeldkwaliteit, gebruik, gebouw als projectie gebruiken voor films. Alle kansen voor aangrijpen, maar wel alle vanuit economisch perspectief (dus vanuit bedrijven).
  • Auto bereikbaarheid: is dat nodig? Ivm toekomst? De vraag is: wat doe je in de tussentijd.
  • Hekken: campus = openheid, dat zie je hier niet terug.
  • Levert het iets op voor omgeving?  station & fietsverbinding (nog in aanbouw)  studie, wederom scenario’s schetsen.
  • Water van de Waal aan de campus: gebruik als energievoorziening & warmte/koude opslag. Wel containerterminal aan de Waal: grootste binnenhaven van NL.

 

Michaël van Buuren - Park Lingezegen

Casus:

  • Park Lingezegen heeft het formaat van 5x Central Park. Het is geen park, maar landelijk gebied. Het is een park genoemd om het groen te kunnen laten.
  • In 1979 vond Ruilverkaveling plaats en is een schil gebouwd om een nieuwbouw wijk: het Stuitbos. Dit werkt als een buffer tegen landbouw. Alle vlakvormige oppervlakten zouden naar Staatsbosbeheer gaan, nu is dat maar een klein deel.
  • Pijnpunt: op zoek naar een verbindend en ruimtelijk element. 5 deelgebieden, elk met eigen kwaliteit. Van Landbouwland tot de Park.
  • 4 doelen: recreatie, beheer, natuur & water. Nu is energie hierbij gekomen.

 

Discussiepunten:

  • Boeren zijn particulier? Ja. Wat betekent dit park voor hen? Welke afspraken zijn gemaakt? Landinrichting heeft tot betere verkaveling en water toevoer geleidt. De boeren kunnen verder doen wat ze willen, maar er zijn wel recreatieroutes in het gebied. Deel van de boeren vond dat niks, want grond verkoop. Andere boeren bedienen nu ook recreanten.
  • Wat gebeurd er qua natuur beheer en behoud? Model Rietzanger & IJsvogelvlinder, om deze soorten in het gebied te kunnen ondersteunen en aantrekken.
  • Een kavel wordt volledig Zonneveld. Dit past in het energie experiment, dat is goed, maar liever ergens anders.

 

23 oktober 2018

Na de uitgebreide excursie de 22e, kregen de teams van Bernadette Jansen en Jeroen Ruitenbeek de tijd voor een interne werksessie. Deze werksessie werd in de ochtend van de 23e voortgezet, waarna in de middag experts uit het vakgebied en de regio werden uitgenodigd om feedback te geven op de verhaallijn en pitches van de twee teamcaptains.

TEAM 1, Bernadette Jansen (BVR cs)

  1. Opzet
  • Werkwijze: ontwerpers en specialisten werken samen. De regiovisie komt tot stand via ontwerpend onderzoek en reflectie door betrokkenen waaronder provincie Gelderland en waterschap.
  1. Start
  • Focus is een zoektocht naar de relatie verstedelijking en mobiliteit.
  • Principes die Team 1 hanteert zijn:
    •  Gebiedseigen
    • Niet afwentelen (op andere gebieden, op volgende generaties)
    • Slim combineren
  • Thema’s zijn:
    •  internationale corridor & lokale economie
    • hoog/droog (stuwwallen; stroomruggen) & laag, nat (komgronden)
    • gezondheid & mobiliteit
  1. Gebiedsverkenning
  • Er is veel diversiteit in de regio > ‘van alles wat’. Ergo: geen duidelijk profiel. Er is veel druk op de regio.
  • Alles gaat over Arnhem: de knoop bij CS en de people hub Arnhem centrum-stad.
  • Er zijn mooie en heel verschillende landschappen (rivierengebied/stuwwallen en valleien)
  • Ede-Wageningen. Is dat een ontwikkelingsas? Wat is de samenhang?
  • Novio Campus: ja, een nieuwe knoop. Maar, wat is een next campus in een niet-hoogstedelijk gebied?
  • Park Lingezegen. Is geen concrete verbinding tussen Arnhem en Nijmegen: o Het landschapspark bestaat uit fragmenten en doorsnijdingen door infrastructuur (waaronder Betuweroute)
  • De regionale infrastructuur lijkt goed te zijn ontwikkeld op de ‘knopen’. Slecht in de inpassing van de ‘lijnen’.

4. Vijf Ontdekkingen: mogelijke ontwerpthema’s

  1. Economie: Er zijn potenties voor ‘eco-hubs’, vooral in Nijmegen. Vraag is: hoe zit Arnhem hierin?
  2. Infrastructuur en mobiliteit: verbanden leggen. A15 als logisch aanknopingspunt om logistieke hub te ontwikkelen, maar kijk dan ook naar de A12. Geen versnippering, maar logistieke hub maken.
  3. Cultuur en politieke kleur in het gebied is divers. GroenLinks versus SGP.
  4. Groen en blauw. Biedt aanknopingspunten voor gezondheid:     
    1. Verder onderbouwen via gezondheidsscans en monitor.
    2. Koppeling maken met concept Healthy Urban Living 
  5. Waterveiligheid:  nevengeul Lent van de Waal bij Nijmegen is een iconisch project dat kan worden uitgebuit en kansen voor zoet waterbuffers (kwel verkenning nodig). Mogelijk voor NL als geheel relevant

 

 5. Verhaallijn

  • Opgave is: zoeken naar de verbindende missie voor de regio
  • Wat hebben de volgende ’lijnen’ als plus:
  1. Arnhem-Nijmegen
  2. Nijmegen-Foodvalley
  3. Foodvalley- Arnhem

 Linken zoeken onderling, niet als drie-eenheid, maar telkens tussen 2 punten.

6. Kansen 

  1. Verstedelijking, gezondheid, mobiliteit
  2. Campus en mobiliteit
  3. Klimaatopgave en drinkwater

 

  1. 1e Schetsen
    1. Gezonde verstedelijking
    2. Infrastructuur en eco-hubs
    3. Zoet water en kwel

 

  1. Discussie en vragen
  • Hoe zit het met energie opgave?
    • Antw: is niet uitgesproken genoeg in de regio om een economie mee op te bouwen
  • Hoe zit het met de historie? (w.o. Limens/Romeinen)
    • Antw: is niet heel relevant voor T1
  • Hoe zit het met kennis bundelen in de regio? 
    • Antw: afstand Wageningen – Nijmegen is te groot
  • Hoe zit het met gezondheid?
    • Antw: GGD heeft info op wijkniveau. Deze gezondheidsscans worden meegenomen.
  • Aanvulling uit team: verdroging Veluwe is kans voor de natuur.

TEAM 2, Jeroen Ruitenbeek (Palmbout cs)

  1. Opzet
  • Mobiliteitsverandering is de leidraad voor het regio ontwerp. Wat kan dat ruimtelijk betekenen?
  1. Gebiedsverkenning
  • Landschappen: Veluwe/ rivierenlandschap/ valleien (Gelderse Vallei/ IJsselvallei)
  • Er is veel agrarische bebouwing, waaronder in de Gelderse Vallei, het zijn geen landschapsvlakken.
  • Snelwegen. Op en afritten vertonen een sterrenbeeld van (potentiële) ruimtelijke ontwikkelingen
  • Wat is de efficiency van de mobiliteitssoorten: intelligenter benutten. Op welke schaal en omvang organiseer je het vervoer? o
    • Spoor: veel ruimtebeslag; nog weinig benut
    • Autowegen: vol en benut
  1. Ontwerpvragen
  • Op welke schaal organiseer je het toekomstige vervoer?
    • Wat betekent dat voor de verstedelijking?
  •  Kunnen we het principe van MaaS toepassen (Mobility as a Service)?
    • MaaS is niet alleen een oplossing, het is ook een businessmodel dat de wenst heeft voor zo veel mogelijk mobiliteit (wat niet gewenst is).
    • Slim gebruik maken van MaaS door zones te vrijwaren van mobiliteitsdruk.
  1. Principes
  • Onderscheid maken tussen slecht (waaronder Veluwe) en goed ontsloten gebieden (Valleien; met kanttekening: er zijn veel doodlopende wegen in de Gelderse Vallei).
  • Leidend principe: vertragen en versnellen voor verschillend ontsloten gebieden. Landschap vrijwaren en elders intensiveren.
  • Contrast tussen de uitersten kan worden versterkt door bijvoorbeeld afritten van snelwegen op te heffen. Niet alles overal bereikbaar
  1. 1e Schetsen
  • Mogelijke verstedelijkingspatronen: 
    • Bundelen langs infrastructuur N-Z (Arnhem en Nijmegen) en O-W (A15 e.a.
  • Gelderse Vallei?
    • Contrast handhaven/ creëren tussen extensieve zones (Veluwerand)en intensieve zones (vallei zijde)
  • Opgaven: 
    • Langs A30 (Ede – Barneveld) verstedelijken en de Veluwerand reserveren voor waterberging en kleinschalig wonen
    • A15/Betuweroute: op- en afritten intensiveren. Inspelen op traagheid van voorzijde stroomrug dorpen (rivieroriëntatie) versus snelle achterzijde (infra oriëntatie)
    • Fijnmazigheid van het netwerk gebruiken als leidraad voor verdichting. Dijken zonder auto’s en met e-bikes. Traagheid waarderen in het gebied.
  • Opgaven voor aanpak verstedelijking. Diversifiëren in:
    •  Stadsranden met slecht bereikbaarheidsprofiel
    • Binnensteden met goed bereikbaarheidsprofiel
  • Water:
    • Vasthouden water als leidend thema voor de regio.
    • Met als overloopgebieden: IJssel/Linge
  1. Discussie en vragen
  • Relatie wonen-werken meenemen
  • Wat zijn de consequenties van keuzen? (prov GLD)
    • Maak de slag met mobiliteitsprofielen en verstedelijking
    • Er is een spanning tussen inbreiding en uitbreiding. Hoe gaan jullie daar mee om?
  • Kan water aanknopingspunten bieden voor verstedelijking? (bijv wonen op /aan / bij water)
  • Bij wonen in trage gebieden kun je wellicht jongeren in de regio vast houden (starters)
  • Traagheid kan in zowel de stad als buitengebied gestalte krijgen
  • Hoe zit het met de maakbaarheid:
    • Statement op regioniveau vs weerbarstigheid van de werkelijkheid op lokaal niveau
  • NB: er is een studie Effect Rapid Buslijn door de Gelderse Vallei (kippenlijn?)

FEEDBACK op voorstellen T1 en T2:

  • Vier de verschillen: houdt verschillen tussen beide benaderingen helder.
  • Wat is / zijn bindende thema’s. Water als leidmotief, daar experts op aanhaken.
  • Regio aanpak wordt aangevuld door gebiedsuitwerkingen te maken op lokaal niveau.
  • Maak het niet alleen top-down, maar ook bottom-up.
  • Check eerdere Eo Wijersprijsvragen op principe van traagheid en versnelling.
  • Denk ook aan temporele kaarten (tijd versus afstandsprincipe). 

Vervolg

  • 14 november. Mogelijke extra bijeenkomst dummy Arnhem – Nijmegen
  • 30 november Pakhuis de Zwijger (oplevering alle teams)
  • 14 februari eindstreep.

 

Hans Dekker/ NVTL Juliette van Baar/Bureau UUM - BNSP